Hand en polsklachten

Handklachten en fysiotherapie

Handklachten

Handklachten zijn een redelijk veel voorkomend probleem. Het weer goed kunnen bewegen en daarna blijven bewegen is een belangrijk onderdeel van de fysiotherapie. Op het moment dat de hand en pols weer goed bewegen kan er daarna weer worden gewerkt aan de kracht van de onderarm spieren. De fysiotherapeut kan voor u geen gericht plan maken om u zo snel mogelijk van u klachten af te helpen. Hieronder hebben we een aantal handklachten beschreven die veelal voorkomen. 

 

Artrose bij hand en pols klachten.

Artrose word in de volksmond ook wel gewrichtsslijtage genoemd. Artrose is de meest voorkomende aandoening van het houding- en bewegingsapparaat. Het is een langzaam proces met wisselend progressief verlies van gewrichtskraakbeen. Naast kraakbeenverlies kan er ook veranderingen plaatsvinden in het ondergelegen bot. Er kan woekering optreden van het bot aan de gewrichtsranden (osteofyten). Hierdoor kan het synoviale membraan (zorgt voor aanmaak van gewrichtsvloeistof) geprikkeld zijn, wat leidt tot gewrichtsontsteking.

In de hand en pols zitten veel botstukken en gewrichten. Artrose van deze gewrichten kom meestal pas op latere leeftijd voor. Echter kan het door verschillende herhaalde werkzaamheden eerder optreden. Er kan dan een knarsend geluid op treden bij het gebruik van de hand, pols en vingers. De plek waar artrose het vaakst voorkomt in deze regio is het basis gewricht van de duim.

carpaal tunnel syndrome

Carpaal tunnel syndroom.

Wat is het Carpaal tunnel syndroom?

Carpaal tunnel syndrome (CTS) zijn handklachten en polsklachten waarbij er een zenuw in de knel komt en pijn in de handpalm kan geven. Hierbij komen vaak ook ander problemen bij voor zoals dingen uit de handen laten vallen en tintelingen in de vingers. CTS komt vaker voor bij vrouwen en vertoont een piek tussen de 40 en 60 jaar. Als mogelijke risicofactoren voor CTS worden genoemd: overgewicht, zwangerschap, ovariëctomie, diabetes mellitus, hypothyreoïdie, hyperthyreoïdie, reumatoïde artritis en andere, meer zeldzame, aandoeningen van het spier-skeletstelsel die anatomische afwijkingen van de carpale tunnel kunnen veroorzaken. Daarnaast kunnen ook verschillende werk gerelateerde factoren van invloed zijn. De klachten worden dan over het algemeen erger in die zin dat de handklachten min of meer permanent kunnen worden. Ook kan bij toename van de motorische uitval zwakte van de) en atrofie van de duimmuis optreden.

Fysiotherapie bij het Carpaal tunnel syndrome.

Fysiotherapie en manuele therapie kunnen op korte termijn effectief zijn bij handkachten en pols klachten. Echter is een combinatie van behandelingen met injecties of spalken. Behandelingen van CTS zijn met elkaar vergeleken, waarbij chirurgie er beter uit komt dan spalken of corticosteroïdeninjecties. Dit is echter wel veel ingrijpender en kan meer ernstige complicaties met zich meebrengen. Hierom zal het advies om te opereren alleen snel gegeven worden indien er sprake is van functionele beperkingen in ADL en werk. Een spalk kan in eerste instantie een goede oplossing zijn. Indien deze ’s nachts gedragen wordt, de duur van de klachten kort is en de ernst lager is lijkt dit een succesvolle behandeling te zijn. Indien het dragen van de spalk na zes weken niet leidt tot een vermindering van de klachten, heeft het geen zin deze behandeling voort te zetten. Fysiotherapie en manuele therapie kunnen op korte termijn effectief zijn.

Morbus Quervain.

Wat is morbus Quervain?

Bij de ziekte van Quervain zijn de pezen van de musculus abductor pollicis longus en musculus extensor pollicis brevis aangedaan. Deze lopen doorgaans gezamenlijk in een kanaal aan de Duim zijde van de pols. Door relatieve vernauwing van dit kanaal ontstaat er irritatie van de pezen. Hoewel er gesproken wordt van een tendovaginitis(peesschede ontsteking) worden er bij onderzoek geen verschijnselen van ontstekingen gevonden. Het kan zowel bij mannen als vrouwen voorkomen, echter bij vrouwen komt het voornamelijk in de leeftijd van 35 tot 55 jaar voor, tijdens de zwangerschap en het geven van borstvoeding. De aandoening komt vaak samen voor met chronische degeneratieve aandoeningen zoals artrose van het duimgewricht. 

morbus Quervain

Fysiotherapie bij morbus Quervain.

Voor de fysiotherapeut is het belangrijk om onderscheid te maken tussen artrose van de duim en quervain. Het behandelen van quervain kan een combinatie zijn van een spalk en kinesiotaping dit heeft een positief korte termijn effect. Ook kunnen ontstekingsremmens(NSAID’s) een goede ondersteuning zijn. Bij lang bestaande klachten of onvoldoende effect van de injecties en fysiotherapeutisch handelen kan er gekozen worden voor operatieve behandeling.